• Contact formulier

    Thanks!

    Bedankt!

    Required fields not completed correctly.

Spiritualiteit en religie: de basis voor mijn leven

Spiritualiteit en religie: basis voor mijn leven  (december 2012) klaar

 Religie, ja daar is veel over geschreven. Naar mijn mening te veel. Toch wil ik mijn visie op religie met u delen.

Voor godsdienst geldt ook weer hetzelfde: het lijkt complex maar het is in principe simpel.

Het is voor mij moeilijk om met één gedachte te beginnen omdat er veel verschillende invalshoeken  zijn die als startpunt kunnen dienen.

Het centrum van mijn denken beweegt zich om de figuur van Jezus maar had voor hetzelfde geld ook  Boeddha, Gandhi of Mandela kunnen zijn.

Iedereen wordt via zijn geboorte in contact gebracht met voorbeelden. Voorbeelden zijn essentieel voor de persoonlijke groei. Door voorbeelden leer je de wereld kennen. Opent (de) wereld zich.

Voor mij was dit de figuur Jezus. Hij is vanaf mijn 40ste steeds meer centraal komen te staan. Veel christenen zien hem als de zoon van God. Ik heb daar geen bezwaar tegen maar het is voor mij niet de essentie. Wanneer Jezus zegt: “Ik ben het leven” bedoelt hij daarmee: ik leef je het leven voor. Spiegel je aan mijn leven en probeer daar vanuit je eigen pad, je eigen weg, je eigen doel in het leven te vinden. Dat betekent voor mij dat er een diepe verbondenheid bestaat tussen Hem en mij.

Vanuit het leven van Jezus hoef je ook nooit bang of angstig te zijn omdat hij volledig in het NU leeft. In het Nu bestaat geen lijden. Wanneer we in het verstand zitten wordt het pas echt pijnlijk. We zitten dan in de tijd, het verleden of de toekomst, en die veroorzaken onherroepelijk “lijden”. Jezus heeft dit ook meegemaakt toen hij in Getshemane zijn discipelen verliet om te gaan bidden. Hij vroeg hen wakker te blijven (“Waakt en bidt”). Petrus vergezelde Hem een eind op zijn weg maar hij bleef op een gegeven moment. Jezus vervolgde zijn weg naar een plek om te bidden tot God om de kruisiging aan hem voorbij te laten gaan. Bij terugkeer vond hij de discipelen slapende. De bijbel zegt: “en als Hij van het gebed opgestaan was, vond Hij hen slapende van droefheid”. De slaap kent over het algemeen twee aspecten: verkwikkend of onttrekken aan … (soort van verdoving).

Dit gebeurde tot driemaal toe. De hevigheid tijdens het laatste gebed was zo groot dat hij bloed transpireerde. In de bijbel staat er een beschrijving van. Er staat ook dat op een gegeven moment de hemel zich opende en twee engelen neerdaalden om Hem, volgens vele dominees, te helpen. Volgens mij is dit niet zo gegaan. Wanneer de beproeving van een mens dusdanig groot is, dan zijn er twee mogelijkheden: sterven of het bewustzijn verliezen. Jezus moest al het slechte (smart) van de mensheid uit het verleden, het heden en de toekomst (zonden volgens de christelijke leer) op zich nemen. Volgens mij dienden de engelen om Hem wakker te houden, Hij moest dit alles bij het volle bewustzijn onder ogen zien (stand houden).

Aanvullende noot: Waarom vroeg hij de discipelen tot drie keer toe om wakker te blijven? Toeval? Nee, ik denk dat wanneer één van hen dit had gekund, de kruisiging niet door was gegaan. Is dit op de één of andere manier grootspraak van me, nee!. Maar ik moet toegeven dat het een bijzondere gedachte is. Alleen de kans voor een mens om dit te volbrengen, is zo goed als uitgesloten! Dit blijkt ook wel uit de verhalen.

Maar nu komt het!

Jezus ondergaat dat wat geprofeteerd is. Jesaja gaf dit eeuwen ervoor reeds aan. Maar dat betekent wel dat Jezus het heeft volbracht en dat voor ieder mens op deze wereld die angst, die vrees voor het kwaad niet meer nodig is. Wie Jezus volgt, zoals de christelijke kerk zegt, voor mij wie Jezus kent en bestudeert, herkent, beleeft, spiegelt in zijn leven en in Hem gelooft, is het paradijs per direct aanwezig. Hij kent een geluk dat niet van de oude aarde is. Hij  herkent de nieuwe aarde die samenvalt met de hemelse.

Helaas heeft de christelijke kerk deze laatste stap niet gemaakt. Zij hebben het niet begrepen. Zij kwamen na Jezus weer volledig in het verstand te zitten, ze sliepen weer in.

Toch waren er mensen die het in het begin nog wel zagen, zoals Augustinus in zijn jonge jaren.

De jonge Augustinus had in zijn jeugd behoorlijk gnostische trekjes. Zijn uitspraak: “Heb lief en doe wat je wilt” is voor mij van onschatbare waarde. Wie lief heeft(verbonden met DE LIEFDE) kan de duisternis nooit een kans geven, hij staat via de liefde direct met Jezus in verbinding en (volgens vele christenen) met God. Ook Paulus’ uitspraak geeft dit aan wanneer hij zegt: “De liefde Gods die al het verstand te boven gaat!” Hier geeft Paulus een duidelijke vingerwijzing naar het NU, het NU waarin Jezus tijdens zijn korte leven op elk moment was.

Helaas raakt Augustinus al snel op een dwaalspoor na zijn eerder gemaakte uitspraak. Hij sticht “De Kerk” zoals wij die kennen. Met regels, tradities, en … helaas macht. Het is wel logisch want hoe kan je een godsdienst voort laten leven zonder dit alles(?). Wanneer je in het verstand zit heb je een instituut nodig, een instituut heeft ordening, regels, macht, gezag, hiërarchie, … . helaas het licht doofde.

We zien periodes wanneer het licht nauwelijks meer overleefde. Ik denk hierbij aan: het uitroeien van gnostische beweging Mani (Augustinus was er in zijn jonge jaren een aanhanger daarvan), de Katharen (onkruid in de achtertuin van Rooms katholieke kerk), de kruisridders, de inquisitie, de pastoors die de wapens zegende in Hitler Duitsland en dan nog maar te zwijgen van de macht die geestelijken uitoefenden op jonge kinderen, zo blijkt nu. De Islam gaat diezelfde weg en dit proces zal nog wel 5 à 10 eeuwen voortduren.

Misschien hebben Hendrikse en ik wel enige verwantschap met elkaar wanneer hij schrijft in zijn boekje: “Ik geloof in een God die niet bestaat”. Ik geloof namelijk ook in een God die niet bestaat. De God die bestaat, is de God die door mensen gemaakt is, de God van de Islam, de God van de rooms-katholieke kerk, van de Joden, … . Mijn God ligt misschien nog het dichtst bij die van de Joden, een God die eigenlijk niet te beschrijven is, zo groot. Een God die ons denken te boven gaat. Dus voor mij een God die niet bestaat, anders zou ik hem kunnen denken en dus daarmee tegelijk inperken. Spreken over God is al gevaarlijk, doen wat hij zegt niet (zie het leven van Jezus). Alle uitspraken/verwijzingen zijn een beperking/degeneratie van God want “God is!”

Toch zien we de “Tao” van alle godsdiensten nog wel ergens doorschemeren. De gnostiek naast het Christendom, het soefisme naast de Islam, de kabbala naast het Jodendom.

Een paar voorbeelden:

De gnostiek en het Christendom: de rollen van Nag Hammadi , het Thomas Evangelie of van de hand van Meester Eckhart: “De tijd is datgene wat verhindert dat het licht ons bereikt. Er is geen groter obstakel tussen ons en God dan de tijd.”

Het soefisme en de Islam in de woorden van Rumi: “Verleden en toekomst versluieren God voor ons gezicht, verbrand die twee met vuur.

N.B.    Ik kan me heel goed voorstellen wanneer Annemiek Schrijver na het lezen van Rinpoche zegt:   “Hij heeft Jezus aan me teruggegeven!”

N.B.    In de volkskrant zie ik dat Mathieu Ricard de persoonlijkheid van Rinpoche als volgt: ”Kracht, liefde en oprechtheid”. Dit leidt tot innerlijke zekerheid.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*